;

Hoofdstuk 1:

Van onder­steunings­­­­­plan naar onder­wijs­plan

Hoofdstuk 1:

Van onder­steunings­­­­plan naar onderwijsplan

Wat bedoelen we met een ondersteuningsplan?
Samen sterk voor ieder kind en elke school
Wat is de faciliterende rol van het SWV?
Van labelen naar ontwikkeling
Kijken naar kind én context
Wij zijn allen het samenwerkingsverband
Klankbordgroep
Passend onderwijs en inclusief onderwijs
Wat neem je mee uit dit hoofdstuk?

Dit OSP is meer dan een beleidsdocument over ondersteuning. Het is een plan voor alle leerlingen, waarin sterke scholen, pedagogiek, samenwerking en inclusiever onderwijs centraal staan.

Wat bedoelen we met een ondersteuningsplan?

Een ondersteuningsplan beschrijft hoe scholen, schoolbesturen en het samenwerkingsverband passend onderwijs organiseren. Formeel gaat het over afspraken, ondersteuning, voorzieningen, samenwerking en verantwoordelijkheden.

In dit magazine vertalen we die afspraken naar de praktijk van scholen. Daarom starten we niet bij regels, routes of procedures, maar bij de vraag: wat willen we samen bereiken voor kinderen en wat vraagt dat van scholen, teams en professionals?

Ondersteuning begint niet pas wanneer een leerling extra hulp nodig heeft. Ondersteuning begint bij goed onderwijs. In de groep. In het contact tussen leerling en leerkracht. In de samenwerking met ouders. En in een team dat samen verantwoordelijkheid neemt voor de ontwikkeling van leerlingen.

De beweging in dit plan is duidelijk. De nadruk verschuift van tijdelijke ondersteuning voor individuele leerlingen naar het versterken van scholen. De vraag is dus niet alleen: welke hulp heeft deze leerling nodig? Maar ook: wat vraagt dit van de groep, de leerkracht, het team, de school als geheel en de ouders?

Samen sterk voor ieder kind en elke school

De missie van Samenwerkingsverband (SWV) Brabantse Wal PO is: Samen sterk voor ieder kind en elke school. Voor scholen betekent dit dat passend onderwijs een gezamenlijke opdracht is. De school is het startpunt. Daar vindt het onderwijs plaats. Daar kent de leerkracht de leerling, de groep en de dagelijkse praktijk. Als een leerling, leerkracht of team tijdelijk meer nodig heeft, wordt eerst gekeken wat binnen de school en het eigen bestuur mogelijk is. Als extra expertise nodig is, kan het samenwerkingsverband meedenken, ondersteunen of helpen om passende expertise te organiseren.

Het SWV neemt de opdracht van scholen niet over. Het faciliteert scholen om hun opdracht goed uit te voeren.

Wat is de faciliterende rol van het SWV?

  • scholen en schoolbesturen verbinden;
  • samenwerking en leren van elkaar stimuleren;
  • expertise helpen delen in de regio;
  • ondersteunen en adviseren bij complexe vragen;
  • toegang organiseren tot speciaal basisonderwijs, speciaal onderwijs en bovenschoolse voorzieningen;
  • ruimte maken voor pilots, experimenten en nieuwe ondersteuningsvormen.

De kern: het SWV staat niet boven de scholen, maar ondersteunt het netwerk waarin scholen samen passend onderwijs vormgeven.

Van labelen naar ontwikkeling

In passend onderwijs ging de aandacht aanvankelijk vaak uit naar de ondersteuningsbehoefte van een individuele leerling. Welke hulp is nodig? Welk arrangement past daarbij? Welke extra ondersteuning moet worden ingezet? Die vragen blijven belangrijk. Maar in dit ondersteuningsplan verschuift de nadruk. Niet het labelen van ondersteuningsbehoeften staat centraal, maar de ontwikkeling van het kind.

Daarom wordt breder gekeken. Wat heeft deze leerling nodig om zich te ontwikkelen? Wat vraagt dit van de groep? Wat heeft de leerkracht nodig? Welke expertise is er al in het team? En welke ondersteuning helpt de school duurzaam verder?

Deze manier van kijken past bij de beweging naar inclusiever onderwijs. Het doel is dat meer leerlingen binnen sterke scholen ondersteuning krijgen die past bij hun ontwikkeling.

Kijken naar kind én context

Ondersteuning gaat niet alleen over de leerling. Het gaat ook over de omgeving waarin de leerling leert.

Kijk daarom steeds naar:

  • de ontwikkeling van de leerling;
  • de groep waarin de leerling zit;
  • de relatie tussen leerling en leerkracht;
  • de pedagogische en didactische aanpak;
  • de samenwerking met ouders;
  • de expertise binnen het team;
  • de ondersteuning die de school sterker maakt.

Wij zijn allen het samenwerkingsverband

Een belangrijke gedachte in het OSP is: wij zijn allen het samenwerkingsverband. Dat betekent dat het samenwerkingsverband geen aparte instantie is buiten de scholen. Het is een netwerk van schoolbesturen, scholen en professionals die samen verantwoordelijk zijn voor passend onderwijs in de regio Brabantse Wal.

Binnen dit netwerk werken zeven schoolbesturen samen. Het gaat om 41 reguliere basisscholen, een school voor speciaal basisonderwijs en drie scholen voor speciaal onderwijs. De komende jaren wordt die samenwerking verder versterkt. Scholen en schoolbesturen delen expertise met elkaar, zodat kennis niet op één plek blijft. Wat op één school wordt geleerd, kan ook van waarde zijn voor andere scholen.

Klankbordgroep

Een van de initiatieven om samenwerking en kennisuitwisseling te stimuleren is de klankbordgroep. De directeur-bestuurder van het SWV zet dit initiatief in om samen met een aantal directeuren en IB’ers van gedachten te wisselen. Dat kan variëren van meedenken over nieuw beleid tot het praktisch uitwerken van programma’s en activiteiten.

Passend onderwijs en inclusief onderwijs

In dit plan gebruiken we de term passend onderwijs. Dat is de wettelijke term. Tegelijkertijd is de richting duidelijk: het onderwijs in de regio Brabantse Wal moet inclusiever worden. Inclusiever onderwijs betekent dat meer leerlingen zo thuisnabij mogelijk onderwijs krijgen dat past bij hun ontwikkeling. Daarvoor zijn sterke scholen nodig, met een stevige pedagogische basis, multidisciplinaire samenwerking en expertise dichtbij de praktijk.

De periode 2026-2030 staat in het teken van het versterken van die basis. Scholen, schoolbesturen en het samenwerkingsverband zetten stappen richting inclusiever onderwijs. Dat gebeurt onder andere door te werken aan pedagogische gemeenschappen, multidisciplinaire teams, bovenschoolse hybride voorzieningen, samenwerking met gemeenten en nieuwe ondersteuningsvormen.

Wat neem je mee uit dit hoofdstuk?

Dit ondersteuningsplan gaat niet alleen over ondersteuning die je kunt aanvragen. Het gaat vooral over de manier waarop scholen sterker worden.

De centrale beweging is:

  • van tijdelijke, individuele ondersteuning naar schoolversterking;
  • van focus op labels naar focus op ontwikkeling;
  • van een aparte instantie naar een gezamenlijk netwerk;
  • van individuele hulp naar expertise in en rond de school;
  • van passend onderwijs naar een steeds inclusievere praktijk.

Inhoud ondersteuningsplan 2026-2030

Leeswijzer

  1. Van ondersteuningsplan naar onderwijsplan
  2. De zes strategische doelen
  3. Extra ondersteuning
  4. Specifieke ondersteuning
  5. Bovenschoolse hybride voorzieningen en thuisnabij onderwijs
  6. De schooldirecteur
  7. De IB’er en kwaliteitscoördinator
  8. De leerkracht
  9. Samenwerking buiten de school
  10. Afsluiting: wat neem je mee?